Work List

Legende:

 

 

Pcl = piccolo

Flt = fluit

Ob = hobo

Clt = klarinet

Bcl = basklarinet

Bsn = fagot

 

 

Ssx = sopraansaxofoon

Asx = altdaxofoon

Tsx = tenorsaxofoon

Bsx = bassaxofoon

 

 

Tpt = trompet

Hrn = hoorn

Trb = trombone

Tub = tuba

 

 

Vox = zang (ad lib.)

S = sopraan

MS = mezzosopraan

A = alt

T = tenor

B = bas

 

 

Mnd = mandoline

Gtr = gitaar

Bgt = basgitaar

[prefix 'e' duidt op elektronische versterking]

 

Hrp = harp

Pno = piano

Acc = accordeon

Org = orgel

 

 

Prc = slagwerk

Drm = drums(et)

Tmp = pauken

Tbb = tubular bells (chimes) Mar = marimba

 

Vln = viool

Vla = altviool

Vcl = cello

Dbs = contrabas

Front Cover

Hieronder een chronologisch oplopende lijst van alle composities die samen

de 'precompositorische fase' van .Ko.Tantrum. vormen. Vanaf medio 2014 werd

overgestapt op de nieuwe format/modus operandi. Spelersaantallen worden met

een # aangeduid en alle partituren zijn getransponeerd genoteerd.

 

de Verantwoordelijke(n)

 

 

Work list

 

1997

 

NEON

 

Vox: S & T

Ensemble: Clt-Bcl-Asx-Tsx-Tpt-Trb-Acc-Prc-Pno-Vln-Vla-Vcl-Dbs [ 17.30 ]

 

Gecomponeerd 04feb97 → 02jan98. Neon (Grieks): nieuw. Ne (chem.): edel gas.

Iconen: John Zorn & Naked City, Astor Piazzolla, Kurt Weill,Tuxedomoon,

HardScore, Radiohead, Miles Davis, Nick Cave & The Bad Seeds.

Tekst: Rhoda Levine, vertaald naar het Nederlands en gebruikt

met schriftelijke toestemming van UNIVERSAL EDITION AG

Bösendorferstrasse 12, Postfach 3, A-1015 WIEN, AUSTRIA

Dedicatio: 5 E's

 

 

1998

 

 

Marquis De Sade-Syndrome

 

Groep 1: Vox-2eGtr-Bgt-eVln-ePno-Drm-4Tmp-Tbb

Groep 2: S-MS-T-B

Groep 3: Prc (#6)

Groep 4: (live) electronics [ 45~55′ ]

 

Gecomponeerd 10okt97 → 29dec98 in Le Grand Bizarre. Een praline om te maken, boordevol

goeie vondsten (bescheidenheid is niet mijn sterkste kant). Dedicatio: Violette Goethals

 

 

1999

 

 

Music for S.M.

 

Tpt-Ssx-Bsn-eGtr-Bgt-4Prc-Hrp-Acc-Pno & Vln1-Vln2-Vla-Vcl (#5432) [ ~16' ]

 

Gecomponeerd 24sep98 → 02mei99, Schwartz–Rot–Gold,… für die Audienz & Stravin’Sky.

Iconen: Michael Torke, Frank Zappa en Louis Andriessen. S.M. kan staan voor Sa Majesté

of Sebastian's Mannschaft, wat uw verdorven geest ook moge suggereren.

 

 

Lynchgarden

 

Dubbelkoor SATB (#1-6 / #7-13)

Kwartet: Clt-Hrn-Pno-Prc

Prc (#3, Fernorchester)

Big band [ 20.30 ]

 

Gecomponeerd 07okt99 → 30dec99 iov.

de inauguratie van Station Vilvoorde 2000

 

2000

 

 

Johnny vió el Nirvii Kalpi Samadis al final de la injeccion ...

 

Flt-Clt-Pno [ 7.13 ]

 

Gecomponeerd 22jan00 → 16feb00. Iconen: Coptic Light (Morton Feldman), Trajet

& Last Minute Piece (Luc Brewaeys) en Il Volto Della Notte (Paolo Perezzani).

 

 

Nooit joeg de wind groene bladeren op

 

Ob-Eng.Hrn-Trb-Prc-Pno-Vla-Vcl-Dbs [ ~23′ ]

 

Gecomponeerd 26apr00 → 27jul00. Iconen: Weefwereld (Clive Barker), Alik Cavaliere,

Francesco Petrarca, Jörg Herchet, BKR-Syndroom (Richard Van Der Spek) en het Van Eyck-

zwembad (Gent). Zonder concurrentie de meest complexe partituur van mijn hand.

Dedicatio: Mireille Capelle & Getácine Pegorim

 

 

Frühstück No Future

 

Flt-Ssx-Bsn-Trb-Prc [ 5.15 ]

 

Gecomponeerd 11aug00 → 20sep00. Creatie: 12dec00, Logos Tetraeder.

De titel is ontleend aan Ronald Giphart's Planeet Literatuur.

 

 

… y Lloro lagrimas calientes de tanta belleza

 

Flt-Asx-Pno [ 4' ]

 

Gecomponeerd 29sep00 → 09okt00 voor de voorstelling d’Amusement. De opvolger van

Johnny vió etc. en de schakel naar het twee jaar later gecomponeerde Salmi Del Squartatore.

 

 

2001

 

 

Char.Leyne

 

Player piano [ ~14′ ]

 

Issues: 1. Het aanslaan van door mensenhanden onspeelbare akkoorden

terwijl hun respectievelijke omkeringen in een lager register toonloos zijn neergedrukt.

2. Akkoorden ostinatogewijs repeteren terwijl telkens een noot wegvalt die

op een andere track geaccentueerd gespeeld wordt, zodat melodisch reliëf ontstaat.

3. Het omspelen van een hoofdmelodie met zacht meeklinkende, chromatisch alternerende

nevennootjes die in de loop van het stuk wegvallen tot het melodisch skelet overblijft.

Première: Logos Tetraeder. In memoriam: Iannis Xenakis (1922-2001)

 

 

Tubisla

 

Oorspronkelijk: 9 (blok)fluiten, later herwerkt voor 9-koppige vrije bezetting [ 10~11′ ]

 

Gecomponeerd 01mei01 → 10jun01. Experimenteerwerk met I Ching & stochastiek, sign o'the times!

De première werd gespeeld met als bezetting Flt-2Clt-Vln-Pno-2Gtr-Mnd-Acc.

 

 

2002

 

 

MORPH (Symphony II)

 

Symfonisch orkest [ 8.20 ]

 

Wedstrijdstuk voor AQUARIUS (Brugge, Cultuurstad 2002), gecomponeerd

07feb02 → 02maa02 en laureaat mee geworden. Première: Concertgebouw

Brugge door de Koninklijke Filharmonie van Vlaanderen olv. Lukas Vis

 

 

.Ko. Tantrum I (Symphony I)

 

Symfonisch orkest & electronics [ 7.40 ]

 

Gecomponeerd 01sep01 → 30aug02 met enkele lange tussenpauzes.

Het laatste orkestwerk dat ik me voornam te schrijven, maar dat draaide dus anders uit.

Om de een of andere duistere reden leverden de incidentjes van 11 sep stof zat.

 

 

Salmi Del Squartatore

 

Flt-Clt-Pno [ 24~25' ]

 

Gecomponeerd mei02 → aug02. Een kleine twee jaar na de compositie van

Johnny... en ...y Lloro vervolledigt Salmi Del Squartatore de fluit-klarinet-pianotrilogie.

Wat oorspronkelijk begon als eendelige stijloefeningen naar de Italiaanse modernisten

(Sciarrino, Perezzani, Scelsi) groeide anno 2002 uit tot een organische, achtdelige

nummercompositie. De titel is Italiaans voor Psalmen Van de Ripper, waarbij

‘Squartatore’ zijn oorsprong kent in de samentrekking van de romaanse stam quart(a)–,

hetgeen 4 betekent en de prefix –de(s)-, hetgeen voor ontkenning of afwijzing staat.

Iets ‘desquartare’ betekent dus iets in vier moten uiteen trekken, ofwel vierendelen.

 

Setlist:

 

1. SCAN (hommage à Giacinto Scelsi) [ 4' ]

2. ASPORYTE (” Thom Yorke) [ 3.24 ]

3. KRÜÜ (” Morton Feldman) [ 2.30 ]

4. STATE! (“ Louis Andriessen) [ 2.20 ]

5. SPECTR (“ Luc Brewaeys) [ 3.20 ]

6. KO!E! (” Igor Stravinsky / G.L.) [ 0.40 ]

7. US (“ E.W.) [ 4.20 ]

8. FUGG (” Godfried-Willem Raes) [ 3.15 ]

 

 

2003

 

T_Birth

 

Tubi [ 4.30 ]

 

Gecomponeerd op 1 namiddag (09mei03) voor de inauguratie van het

kwarttoonsklokkenspel Tubi en iets later gepromoveerd tot openingstrack

van de cd Logos Public Domain 012, More Automats.

 

E@ry M@+H

 

M&M Robot Orchestra [ ~44′ ]

 

Gecomponeerd najaar 03; een vijfdelige suite voor muziekrobots waarvan sommige

op het moment zelf nog in aanbouw waren ~ u kent mijn impulsieve aard.

 

O.FF

 

Flt-Clt-Asx-Pno [ 6.30 ]

 

Kamermuziek, om de musici die instonden voor het goede

verloop van mijn eindwerk .KO. Tantrama weer even bijeen

te krijgen. Tevens een epiloog op Salmi Del Squartatore.

 

 

2004

 

 

We Want Poems Like Fists (WWPLF)

 

Vox (S)

18–Koppig koor (S-MS-A-T-B-B)

Prc (#2)

Sextet: Clt (+Bclt)-Ssx (+Tsx/Bsx)-Hrn-eGtr-Bgt-Hrp

(Live) electronics [ ~22′ ]

 

Gecomponeerd -met onderbrekingen- 01jan00 → 01okt04.

Een cantate voor stemmen, instrumenten en electronics.

 

.Ko. Birds

 

Puff [ 1.30 ]

 

Ofwel een zo akoestisch getrouw mogelijke tekening

van vogelzang mbv. een muziekrobot.

 

Tan/Go

 

M&M Robot orchestra [ 4' ]

 

Een eerste tangoschets. Verscheen, net als

voorgaand stuk, op Machine Orchestra (LPD 013)

 

 

BUXUS

 

Trump [ 4.30 ]

 

Mijn bijdrage aan de M&M-editie van de 161ste Gentse Feesten; een registraal gedacht solostuk.

Bij Trump klinkt elke noot anders: in de laagte zindert hij, in de hoogte claxonneert hij.

 

 

Over De Schreef (Symphony III)

 

Symfonisch orkest & SATB koor [ 9.30 ]

 

Crisis-stuff; een werk dat me liet inzien welke paden NIET te bewandelen zijn.

 

 

2005

 

 

Clique Et Ty Clack

 

Casta & Piperola’s percussion toolkit [ 3.50 ]

 

Een miniatuurtje voor kleppers en toeters dat de onvatbare,

unieke sfeer van de zomer van 2005 uitademt.

 

 

S(ch)ènes

 

Flt-Clt-Prc-Pno-Vln1-Vln2-Vla-Vcl [ 6' ]

 

Gecomponeerd 15aug05 → 22okt05 voor Spectra Ensemble.

Het is een ééndelige, gesectioneerde brok abstracte muziek waarvan de titel

-als vaak- dubbelzinnig is. Hardop uitgesproken klinkt het zowel als het Franse ‘scènes’

(met de ‘ch’ tussen haakjes), bedrijven van een toneeldrama dus, of als ‘chaines’, ketens.

 

l’État de la Dame

 

2Flt-2Ob-2Bsn-Tpt-Trb-Prc-Pno [ 2.20 ]

 

Gecomponeerd 19nov05 → 31nov05 voor het twintigjarig bestaan van I Solisti Del Vento.

Voor hun jubileum gaf de groep opdracht aan 20 componisten: elk van hen zou 2 minuten

muziek schrijven en zijn deeltje baseren op de laatste maten van dat van zijn voorganger.

Frits Celis gaf de aftrap met Il Primo Agnello, de eerste schakel van deze kettingcompositie.

We zaten ergens op de helft toen Frank Nuyts mij verzocht om zijn deel van een vervolg

te voorzien. Helaas zette diegene die ik in gedachten had om mij op te volgen,

door omstandigheden de bloedbaan abrupt stop. Letterlijk.

 

 

Dr Ko ('s Insane New Year's Orgy)

 

Player Piano [ 8.12 ]

 

(kortweg Dr Ko) is de synthese van alle eerdere experimenten met de automatische piano.

Ik herinner me dat ik hier een maand of 3 fulltime aan geprogrammeerd heb.

Verscheen op de cd LPD 017, StudAxe - new music for player piano.

 

 

2006

 

 

Introduction to Le Sommeil Des Flammes

 

M&M Robot Orchestra [ 3' ]

 

In apr05 schreef ik Le Sommeil Des Flammes om een modelscore klaar te hebben

die de belangrijkste controllers en initialisaties voor het automatenorkest bevatte.

Ze groeide uit tot een omvangrijke, 17 minuten durende suite waarvoor

ik in een later stadium samenwerkte met danseres Nicoletta Branchini.

Door zijn onvoorspelbaar en grillig karakter, de losse pols-swing en het

archetypische mysterysfeertje dat er in hangt, heb ik deze intro,

boven alle andere secties die Le Sommeil voorts telde, bewaard.

 

 

MONDO X

 

Elektroakoestisch [ 4.30 ]

 

Mondo movies (from the Italian word for 'world') are exploitation documentary films,

sometimes resembling a pseudo-documentary and usually depicting sensational topics,

scenes, or situations. Common traits of mondo films include an emphasis on taboo subjects

(such as death and sex), portrayals of foreign cultures (which have drawn accusations of

ethnocentrism or racism), and staged sequences presented as genuine documentary footage.

Over time, the films placed increasing emphasis on footage of the dead and dying (both real

and fake). The term shockumentary is also used to describe the genre.

See also: Mondo Cane, Savage World, Cannibal Holocaust, Faces of Death.

This track uses samples by D-Garro, Noisemaker, Trippy, Jovica & Plagasul.

 

 

Excerpt

 

Pno solo [ 3.10 ]

 

Track 4 op Bradtpack 2006. Aanvankelijk begonnen als een lied op tekst van T.S. Eliot,

evolueerde dit ‘fragment’ naar een autonoom pianostuk. Een streepje anachronistische

salonmuziek dat nét die ene hook teveel bevat om dames in katzwijm te doen vallen

.

 

Bibi Says

 

Pno solo [ 2.40 ]

 

Pianoversie van een oprecht liefdeslied,

voor iemand die naar de koosnaam Bibi luistert.

 

 

RBDN (Rouge-Blanc-Dorée, et un p’tit peu Noir)

 

Elektroakoestisch [ 5.30 ]

 

Dit is een typische Bradtpack-releases: nagenoeg alle klankbronnen (clavichord,

sirenes, triangel, tetraëderbel, geprepareerde gong) werden handmatig bespeeld,

opgenomen en vervolgens door mijn Meedogenloze Mangel gehaald. 90 Procent van

de instrumenten wordt in real time door mij bespeeld, niet door een vooraf opgemaakte

MIDI-file, maar met testfiles die lengte, geluidssterkte en repetitietijd van eender welke

noot op een automaat aansturen. Enkel de loopy drumsectie op 65% van het stuk is

afkomstig van Jovica (waarvoor dank, ook aan www.freesound.org).

In 2007 heeft de Duits-Vlaamse 3D-videaste Lieve Vanderschaeve

de muziek gebruikt in haar fascinerende videoclip zWIRn.

 

 

Schlager (aka Herr Doktor)

 

M&M Robot Orchestra [ 5' ]

 

Deze Schlager werd op de overgang van 2005 → 2006 gecomponeerd

en georchestreerd voor De Propere Fanfare van de Vieze Gasten.

Later herwerkte ik hem voor zowel automatenorkest als piano solo.

Hier hoort een Duitse tekst bij, die in een rauwe, Lotte Lenya meets

Tom Waits - stijl mag gezongen worden (maar nu ook weer niet té veel).

 

 

Bauharoque Variation

 

M&M Robot Orchestra [ 3.30 ]

 

Een vreemde eend in de bijt, die het midden houdt tussen een arrangement

en een recompositie. Bronmateriaal was de tweestemmige cantus planus

Alma Mater Redemptoris van Perotinus (Franse Ars Antiqua-polyfonist).

Ik voegde er vier parallelle stemmen aan toe, spoelde ettelijke passages

achterstevoren, dreef het tempo op en arrangeerde dit alles tenslotte voor

de Logos robots, die voor deze gelegenheid in twee gelijke groepen

verdeeld zijn. Deze jumpy vraag en antwoord-hoketus is het eindresultaat.

 

 

Koest!

 

Flt-Clt-Prc-Pno-Vln-Vcl [ 4.30 ]

 

Geschreven voor en uitgevoerd door het net opgerichte

NADAR Ensemble olv. Daan Janssens.

 

 

2007

 

<@lgol> (Symphony IV)

 

Symfonisch orkest [ 10' ]

 

Mijn hoogsteigen 'Onvoltooide'. De invloed van Grant Wallace's ideeëngoed,

diens numeralfabetische tabellen en encrypties sijpelt hier lustig in door.

 

 

Pleurnichard

 

Symfonisch orkest & Tpt solo [ 10~12' ]

 

Een van de genrestukken die in het kielzog van Schlager volgden: muziek die beweert

iéts te zijn, maar net dat tikkeltje teveel afwijkt van wat men van een smartlap verwacht.

Ik kreeg eind 2006 de opdracht van Steven Decraene om een creatie te maken voor het

tienjarig bestaan van zijn orkest Artis Dulcedo. Het stuk werd afgeleid uit een song die een hyperchromatisch, Transsylvanisch Dracula-sfeertje in zich draagt. Op een strakke ritmische

drive (mits enkele knipogen naar de historiek van het concerto) bouwt Pleurnichard

op naar een orgie van orchestraal geweld die bij ondergetekende als steeds eindigt

met een vonkje hoop. Of technisch gesproken: een volmaakt grote drieklank dan.

 

 

Séance, Le Tangeau (The Cloven Hoof)

 

M&M Robot Orchestra [ 4.30 ]

 

 

Eén van die stukken die tot stand zijn gekomen door een omslachtige,

maar leerrijke opnametechniek. Omdat elke M&M-robot MIDI-gestuurd is

en theoretisch gezien perfect synchroon is aan de andere robots,

nam ik hun partijen een voor een op, terwijl ik de robots die niet meespelen, uitschakelde.

(dat bespaarde me gelijk een pak hinderlijke ruis, eigen aan hun mechaniek).

Vooraan in elke partij zorgde ik voor enkele cues die mij een visueel houvast

gaven als ik de waveforms onder elkaar plaatste. Ik paste deze techniek

voor het eerst toe in Schlager (zie Bradtpack 2006) en nadien in Séance, Prijsbeest

en de soundtrack bij Haar Haar. Later ben ik ervan afgestapt wegens al te tijdrovend

en omslachtig; als je 20 robots gebruikt, moet je minstens 20 takes maken.

Bovendien moet je iedere keer de band stopzetten, microfoons verplaatsen, hoek en de

hoogte afregelen, om nog maar te zwijgen van de eindeloze soundchecks op het mengpaneel.

 

Dit stuk werd op één dag neergeschreven, na er tien jaar over gepiekerd

te hebben hoe ik een dansbare tango in vijfkwartsmaat op poten zou stellen.

Op Valentijnsdag werd een eerste downmix klaargestoomd en weerom rolde er

een nieuw Bradtpackje van de band. De titel slaat op mijn gewoonte om

andermans tango’s op te roepen/te assimileren tot ze in de D.R.O.O.M. verwerkt zijn.

Nadien is het een kwestie van op het geschikte moment de kraan open te zetten

en The Well Of Souls alle spreekkracht te verlenen. Dit stuk is een hommage

aan Astor Piazzolla, Tars Lootens & Frederik Devreese.

 

 

L’ Irréparable - SATAN

 

Vox-Flt-Clt-Prc-Vcl-Dbs [ 2.30 ]

 

Voor Christine Termonia en haar Mu6-Ensemble,

op het gelijknamige gedicht van Baudelaire.

 

 

Talking To The Hand, ‘Cos The Face Didn’t Want To Hear It Any More

 

2Vox-3Flt-2Clt-Asx-Prc-Pno-Hrp-2eGtr-Bgt [ 3' ]

 

Dit is een Michael Nyman-achtige mars, een gelegenheidsstuk

voor Dominiek Reynaert & Juniorenorkest Ars Musica.

 

 

Ouàttosz/Ouòckosz@Lilith (Two Wrongs Make a Right)

 

Clt(+Bcl)-Asx(+Bsx)-Pno [ 5~6' ]

 

Na het bijwonen van een pico bello concert van Thelema Trio (toenmalige leden:

Marco Antonio Mazzini, Peter Verdonck & Ward De Vleeschhouwer) in de Rode Pomp,

eind 2004, was de kogel door de kerk: aan deze heren wordt een stuk opgedragen.

Vraag niet naar de herkomst van de titel, want die is té genant voor woorden.

 

 

Haar Haar / Her Hair

 

M&M Robot Orchestra [ 6.30 ]

 

Eind dec06 werd ik gecontacteerd door Bart Van De Plas, laatstejaarsstudent

stop motion animation aan het RITS. Hij had een paar muziekjes nodig om zijn

eindprojekt, Haar Haar / Her Hair mee te stofferen. Dit kortfilmpje -teder, breekbaar

en speels- ademt een nostalgisch sfeertje uit dat de kijker doet snakken naar

diens eigen kindertijd. Hoewel ze onafhankelijk van elkaar gemaakt werden,

bleken muziek en beeld vreemd genoeg naadloos op elkaar aan te sluiten. Samenwerken

met mensen die in beelden denken mag allerminst onderschat worden; het is en blijft zoeken

en aftasten naar raakpunten in beide zintuiglijkheden. Het leverde mij wel een technisch

inzicht op in mijn tweede grote passie, film, die ik nooit had durven dromen.

En Bart, die kreeg een soundtrack van haarhaarzuivere speeldoosmusicules.

 

 

Nonchalance

 

Pcl-Flt-Ob-2Clt-Hrn-Bsn-Prc [ 3.30 ]

 

Een epiloog op Pleurnichard; restmateriaal dat tijdens de schetsfase

op de grond achterbleef, werd gerecycleerd om er Nonchalance uit te distilleren.

Eco-inspirationeel bewustzijn, wie zal het zeggen … Dedicatio: Steven Decraene.

 

 

L’ Union Fait La Fo/arce

 

3 Prc (zie score voor set-up) [ 6~6.30 ]

 

Een idee dat ik uitwerkte toen ik de drie virtuozen van Triatu Percussion Group

aan het werk hoorde. Het werk kreeg de dubbele maatstreep op de dag van de

toenmalige verkiezingen. Niet lang daarna brak de malaise van de federale

onderhandelingen pas helemaal uit en werd de vermeende Union, zoals onze

nationale lijfspreuk het poogt aan te geven, tot weinig meer dan spaanders herleid.

 

 

Era Zero (a Glitchophony)

 

Elektroakoestisch (tekst & stem: SB) [ 7.20 ]

 

Era Zero, aka Tijdperk Nul werd flink ingekort om binnen de gangbare duur

van een hoorspel te blijven en gecombineerd te worden met tal van glitches.

Die term stamt uit het Duits, waar ‘glitschig’ zoveel betekent als ‘glijdend, glad’

en betrekking heeft op allerlei hoorbare gevolgen van soft- of hardwaregebonden

storingen. Het soort (on)gewenste bijgeluiden dus, dat wordt veroorzaakt door

het inpluggen van een elektronisch instrument in een versterker, het aan–

of afzetten van audio–apparatuur of door het afspelen van

een beschadigd digitaal signaal. Ik verzamelde restafval uit opnames

en merkte dat een schat van klanken vervat zat in wat wij

als ruis ervaren. Tot op heden mijn meest persoonlijke stuk.

 

Taxidermie

 

Qt [ 9' ]

 

Geschreven in opdracht van vzw Muzikon (HoGent) voor het

MIDI-gestuurde kwarttoonsorgel van Godfried-Willem Raes.

 

Part 1: SPCTRS opent met de constructie van een ‘ideaal’ spectrum,

inclusief een benadering van alle typerende intervallen daarin.

Daaruit ontspruit een voortgang die speelt met de plasticiteit van spectra:

als wij Qt's klank als 'orgelachtig' herkennen omdat die zijn eigenheid ontleent

aan de boventonen waaruit hij is opgebouwd, wat is dan

het resultaat als dat spectrum proportioneel 'geplooid' wordt?

 

Part 2: TCHNFX opent met dichte clusters in het basregister. Dit deel is e

en techno-evocatie waarvan de melodiciteit op alle mogelijke manieren m

et kwarttonen wordt omspeeld, verdubbeld en versierd. Het is muziek

die niets te bewijzen heeft, behalve de logica van haar eigen structuur.

 

Part 3: XNHRMNS bevat harmonische functies in 24-toonsstemming

waarvoor ik een ‘panmodale’ toonladder samenstelde. Ik vertrok van de zeven

kerkmodi die elk hun eigen grondtoon en kenmerkend interval hebben, nam

die intervallen van elke modus (dorische sixt, lokrische kwint, enz.)

en verwerkte ze in één kwarttoonsmodus die in zich alle intervalkarakteristieken

bevat (op hun beurt door kwarttonen geïnflecteerd). Met dit materiaal ging ik aan de slag

om een diffuus, nachtmerrieachtig koraal te maken dat de luisteraar

naar het einde toe elke harmonische grond ontzegt.

 

 

Prijsbeest (Das Teufel Preisetier)

 

M&M Robot Orchestra [ 5.30 ]

 

Opnieuw een grootschalig orkestwerk waarin elke robot afzonderlijk werd opgenomen.

Het is een downmix van partijen die nu eens rond de middag, dan weer laat in de avond

van 30sep07 aan DAT werden toevertrouwd. Geen sinecure omdat het hardnekkig

af- en aanvliegen van helicopters de opnames verstoorde. Prijsbeest was één van de nummers

die ik in gedachten had voor Haar Haar, maar later annuleerde wegens niet subtiel genoeg.

 

 

Strength King (Don’t you see? We’re from the same school!)

 

Elektroakoestisch [ 50” ]

 

De openingstune van .Ko.Mmix is een toevalstreffer: eind aug07 had ik in Logos close

mikings gemaakt van een banjosnaar en was er thuis maar wat mee aan het schmoozen

geslagen. Achteraf begreep ik wat ik precies gedaan had om deze klank te krijgen:

1. boventoonsspectrum van de snaar gedemoduleerd,

2. notch filter toegepast op de oneven harmonischen en

3. het resultaat daarvan uit fase gebracht met zijn spiegelbeeld.

Mijn eerste indruk: 'wow, Story Of Ricky!', een berucht cultfilmpje

waarvan de soundtrack vol aftandse synthesizertunes steekt, gemixt met

samples van traditionele instrumenten. Het is aan deze onbeschrijflijk

slecht gemaakte, hilarische goof flick dat ik de titel ontleende.

 

 

Opus Reptilicum

 

M&M Robot Orchestra [ 2.45 ]

 

Dit stuk diende als basismateriaal voor .Ko.MmiX - Introitus Interruptus, maar

bleek als tango op zich ook nog goed te werken, zeker met de bijhorende lichtshow.

Werd eertijds vertolkt door Koen D’Hous & Gerda Vannijvel.

 

 

2008

 

 

Les Jeux Sont Faits (Rien Ne Va Plus)

 

Elektroakoestisch + samples van het M&M Robot Orchestra [ 3' ]

 

Voor het vuurwerkspektakel van de Gentse Feesten anno 2008 riepen Fabien Audooren

van Vzw MiraMiro en componist Frank Nuyts 9 jonge, ambitieuze Gentse componisten bijeen:

Klaas Van Heddeghem, Wouter Vlaeminck, Joris Blanckaert, Michiel De Malssche,

Benjamin Van Esser, Ward De Vleeschhouwer, Simon De Poorter, Sebastian Bradt en

Evert Bogaert. Dit negental liet na veel vergaderen, meten en passen hun

gemeenschappelijke soundtrack (Neuf Musiques à Brûler) op het feestenpubliek los.

Hoewel ze elk een andere esthetiek hanteerden, klonk de finale downmix verrassend homogeen.

De componisten deden er al die tijd het zwijgen toe welk stukje van wie kwam. Het publiek

werd in het ongewisse gelaten en de hele show werd een auditief zoekprentje.

 

 

Barbiefication

 

Korn & Xy [ 2' ]

 

Duet voor automatische kornet en kwarttoonsxylofoon. Compositie en opname

werden tegen de klok gemaakt, want Korn had toen nog zijn fantastische, sinusoïdale

klank vooraleer zijn bouwer ook dié feature verprutste. Dit stuk had nooit bestaan zonder

John Coltrane en al zeker niet zonder Paul McCarthy, die voor mij met Head Shop / Shop Head

het begrip 'performance' herdefinieerde en de Barbiepop een ongemeen

griezelige dimensie meegaf (verscheen op LPD 019 - Lonely Robots).

 

 

.Ko.Mmix (Introitus Interruptus)

 

Recorded MIDI, Bradtpack samples & M&M Robot Orchestra [ 5.10 ]

 

De titelsong van de cd .Ko.MmiX werd helemaal als laatste -en na verscheidene

werksessies, gespreid over 2 jaar- afgemixt. De subtitel is enerzijds een knipoog

naar de term coitus interruptus, maar valt anderzijds ook letterlijk te nemen:

omdat ik in dit stuk vertrok van het middendeel en steeds meer fragmentjes

voor- en achteraan toevoegde, begint het telkens opnieuw. De eerste samples

werden eind 2006 opgenomen, de laatste in 2008 toegevoegd. Er zit ook een

'quote' in uit Snows Of Kilimanjaro (1952), met muziek van Bernard Hermann.

 

 

From Gold–and–Mauve

 

Vocaal sextet: S-MS-A-T-BB [ 5~6' ]

 

This ‘madrigal’ for six a capella voices was written from a profound love and fascination

for a 'Letter to Mankind' of the goddess Artemis, telepathically transcribed by

Grant Wallace. Whether it is a trustful outcome of telepathic gift, or just a high-toned

practical joke, I keep seeing it as a remarkable piece of language. Naive but stylish,

elegant but bloody archaic and in the end highly fascinating to set to music.

The original Letter From Gold-And-Mauve dates from ca. 1920 -

courtesy of the Wallace Family. Dedicatio: Jelle Meander & Maja Jantar

 

 

ZTRKRTZR (Starscratcher)

 

Recorded MIDI & Bradtpack samples [ 6.15 ]

 

De titel is een soortnaam die ik bedacht voor het soort audiovisuofiele types

dat het jaarlijkse Internationale FilmFest Gent frequenteert om er met alle macht

handtekeningen en vooral aandacht te ontfutselen aan de voorhanden zijnde

celebreties. Starscratchers zijn uitermate energiek, ambitieus, hoopvol, gebiologeerd

door Techniek & Esthetiek en in de meeste gevallen volkomen onuitstaanbaar

vanwege hun handelsmerk, De Onaantastbare Eigen Mening. Elk jaar weer,

bij het betreden van de Kinepolis, lijken ze zich te hebben vermenigvuldigd.

 

 

X OUR ROTTEN BEAUTIES

 

Koor a capella: 6S-4A-4T-4B [ ~8' ]

 

Texts (excerpts, bits, chunks, quotes, verses, one–liners, etc.) by a. rawlings, author of

Wide Slumber For Lepidopterists, Coach House Books, Toronto 2006.

Used wih kind permission of the poet herself

.

For awhile, I’ve been brooding on the idea of writing a large-scale epic

for a capella choir; a weaving counterpoint of eight voices, full of ambiguous

harmonic moods. But, which words would I use? Having no intention to just

'musicalise’ a poem, but rather to find chunks of language that ‘sung’ to me,

I read through famous classics such as Petrarca and Dante. I even undertook

a postmodernistic jump to writers like William Seward Burroughs, Allen

Ginsberg and Dario Fo, but it all ended up on a dead end. Then, I met a.

 

By the end of April 2008, a. visited my workplace, Logos. She stayed in Ghent

for Zaoem Festival and invited me to be her special guest. I attended the whole show

at the Minard Theatre and after the set, I handed her a CD containing some of my

newest stuff. She seemed to approve well. Two days later, she came came back to Logos and

signed my copy of Wide Slumber For Lepidopterists. The same evening I began to read.

 

Since then, we regularly mailed, corresponded about The Craft and the core of a strong,

long-lasting friendship appeared to be born. So, when I was browsing my and other

libraries to find a fine text to be set to music, I suddenly realised that what I was

looking for, lay just only step beyond. I explored Wide Slumber again

and detected a hidden musicality in what I read, also lots of variation,

figuration and analogies that hold the material together. I started to write,

browsing throughout the anthology (regardless of verse or strophe)

and just set to music what jumped to my eye.

 

Technically, the work sets off with a canon of shifting voices that exhale a kind of wind sound:

a reminiscence of what I have in mind when I try to imagine the Canadian Woods, as a. did

describe them. After three minutes, we hear the first pitched sounds; a four note-canon

for the female singers. Then, a dense web of eight voices develops, flirting around the tonic B.

 

A sort of widened tonality is used throughout: every note has its function regarding to that tonic.

After having come to a pause in the female voices, the structure rapidly bursts out in hoquet-like, rhythmic spasms that seek for tonal relief and try to find a balance, a point of re-orientation.

In the end, canonic sighs and hums lead us to a dissonant, static chorale,

preceded by sparse echoes of the wind in the Canadian Woods.

 

First, there was the musical structure; when you start composing, you have a general notion

of what way your sounds will evolve. Still I left space for getting influenced by what I think

is been spoken about in Wide Slumber. That way, the original idea gradually turned into

something I had not in mind at first. In many places, a sort of tone symbolism discretely

emphasizes the words. For example, on page 9, the male singers modulate from

B minor to major, exactly when they sing about the larva that becomes pupa. Or when

the text sounds ‘massive pulse out of sync’, polyrhythms and syncopation are used.

 

Chronology is also something I purposefully avoided: the textparts are chosen from where

they’d fit best into the musical structure. Many times, superpositions of voices occur, because

I never thought word for word, but word upon word. The memory has much to do with this;

composing is a slow process. It’s inevitable that what you’ve read before, unconsciously

works itself out when you combine the next syllable with the next note.

Just like I feel that in Wide Slumber more than one voice is speaking, I decided to

work with layers that bring on the words from different angles, almost spatialized.

 

X Our Rotten Beauties is dedicated to The Transatlantic Flame,

another undefined beauty.

 

 

.RUN.FOOL.+ (You $quirtface)

 

Elektroakoestisch [ 7.25 ]

 

Dit stuk werd opgetrokken uit huis-, tuin- en keukensamples die op een nogal

drastische manier werden bewerkt, met als doel een samenhangend verhaal te

vertellen aan de hand van louter abstracte klanken. Het openingscitaat is van

Francisco José De Goya y Lucientes en wordt voorgedragen door Daniel Pastene.

Wie herkent 1) de stemvork, 2) de verbouwingsgeluiden aan de voorgevel van Logos,

3) mijn Eminent electronisch orgel en 4) de KORG-synthesizer?

 

 

2009

 

 

Little Harry Hughes (und J.J. war auch dabei)

 

M&M Robot Orchestra [ 4.10 ]

 

maa09: vijfstemmige zetting van een partituurfragment uit James Joyce's Ulysses

dat zowel kwajongensnostalgie, Grote Zus-erotiek als antisemitisme uitwasemt.

 

 

Intron Wenn

 

M&M Robot Orchestra [ 9.33 ]

 

Een opruimsessie van oud MIDI-materiaal dat al jaren rondslingerde op de laptop.

Ik hield wat korte fragmenten over en combineerde die vrijelijk met elkaar, zodat

dit stuk eigenlijk een studie in timbres en klankovergangen werd. Op het einde,

aan de passage met de bonkende beats, is een lichtshow geprogrammeerd.

 

 

Beatifika (peaT, peaT, peaT…)

 

2 Versies: Recorded MIDI + M&M Robot Orchestra [ 3.46 ]

 

Veel meet- en paswerk om de vertrouwde tangosensatie te rijmen met onorthodoxe

maatsoorten als 5/4, 9/8, 19/16 en 29/32, leverde tot slot dit bizarre pareltje op.

Het tangokoppel Hildegarde Higuet & Aki Bollengier presteerde het eertijds

om er een prima vista-versie van neer te zetten. Dedicatio: Linda Martens.

 

 

Vonkhoofd / Sparkhead

 

Org-Pno-Prc & Strings [ 11~12' ]

 

Anno 1969 werd Bij Sint-Jacobs omgedoopt tot het kloppend hart van de Gentse Feesten.

Om deze verjaardag anno 2009 te vieren, kwam zakelijk leider Guido De Leeuw (Vzw Trefpunt)

op het idee om een feestelijk, ietwat potent stuk te bestellen bij een Gents componist.

De keuze viel op ondergetekende en die mocht zich voor de gelegenheid uitleven in een stuk

voor Timur Sergeyenia en diens strijkorkest Die Mannschaft. Zij werden aangevuld met

paukenist Wim T J Segers en organiste Laure Dermaut, die vanuit het doksaal van

de Sint-Jacobskerk met de musici op het groot podium meespeelde. Het stuk is voor

mijn gewoonte erg strak van vorm en met een enorme discipline uitgewerkt.

Het is repetitief en teert op lange, uitgesponnen spanningsbogen, grote climaxen en de vaak

verrassende klanken die ik uit alle hoeken van de Mannschaft tevoorschijn tover.

Dedicatio: Gent

 

 

Snow On Cupid’s Wings

 

M&M Robot Orchestra [ 5.30 ]

 

Dit is een stukje winternostalgie, gemengd met een acute experimenteerzucht

met plastische spectra. Het vangt aan met een onvoorspelbaar pitchbend-koraal

in de koperblazers maar ontaardt al snel in losbandig weggeslingerde

harmonische vlokken. Het moge qua klankkleur net iets anders suggereren, maar

dit is mijn meest luchtige en speelse compositie ooit. Dedicatio: Linda Martens.

 

 

2010

 

.Ko.TantrifiKatzion in Es

 

Zeta-Vln-Mar & soundscapes [ 6.27 ]

 

Medio 2009 werd ik gecontacteerd door Ann Vancoillie, trotse bezitster van een

gloednieuwe Zeta-viool, een indrukwekkend speeltje waar duidelijk muziek in zat.

De snaren worden er, net zoals bij de elektrische gitaar, door pickups versterkt

zodat in principe eender welke klank kan worden gemapped op de viool-input.

Ann was zinnens om in het voorjaar van 2010 met slagwerker Rudy Van der Veken

aan de repetites te beginnen voor een nieuw concertprogramma en verzocht me

om daar een bijdrage aan te leveren. Het gros van de soundscapes bestaat uit

aaneengemixte MIDI-clips en de vulstemmen verkreeg ik door stukjes en brokjes

uit Everything.You.Enravish, mijn ‘prepared electric guitar’-stuk uit 2002 te herwerken

en er tussen te mixen. Vandaar ook de hardnekkige analoge taperuis die altijd ergens

op de achtergrond aanwezig is.

Phantom Noise

 

Vox & Pno [ 3.33 ]

 

Tekst: Phantom Noise, Brian Turner (1965) - Copyright 2010 by Brian Turner

(used by permission of the poet and Alice James Books, USA, www.alicejamesbooks.org)

 

En Avant Mars/Voorwaarts Maart is een festivalinitiatief van Vzw HardScore

dat jaarlijks in Gent plaatsvindt en waarop voornamelijk nieuw werk van jonge

componisten wordt gespeeld. In 2011 werd aan drie inboorlingen gevraagd om

een liedcyclus samen te stellen rond 'Noise', want dat was het thema van deze editie.

De deelnemers waren Dré Segers, Koen Desimpelaere en ondergetekende.

 

First things first: een geschikte tekst. Na lang zoeken en vaak vruchteloos uitpluizen

kwam ik dankzij een goede vriendin op Brian Turner's gedicht Phantom Noise en werd

onmiddellijk aangesproken door de hoekige, repetitieve structuur ervan. Het handelt

over de 'noise' van de aan lijf en leden ondervonden oorlog in Irak die deze

oorlogsveteraan in de jaren nadien verwerkte in zijn poëzie.

 

De muziek volgde vrij snel en al gauw wist ik, het thema 'noise' indachtig, dat ik geen

demonstratiestuk moest maken; de noise (iets dat een buitenstaander eerder met overstuurde

elektrische gitaren, distortion, feedback, overkill en Instortende Nieuwbouwers zal associëren)

wordt in mijn lied via tal van sluipwegen bekeken: als pure bastaardklank (niet-toonhebbende

klanken, gemurmelde tekst, klankeffecten), maar evengoed als 'stoorzender'; de foute of net

verzwegen noot binnen een muzikaal discours dat verder zichzelf draaiende probeert te houden.

 

De componisten moesten elk ook voor hun videoclip instaan (of althans iets of wat van

-al dan niet bewegende- visuals die hun bijdrage moesten onderlijnen). Ik besloot daarvoor

beroep te doen op grafisch ontwerper Peter Van Lancker. We vergaderden een paar keer

en kwamen, geinspireerd door Turner's tekst, op een kruisbestuiving tussen een luchtfoto

van Irak, een hoekige cantilene en een hypnotiserend spel met lettertekens uit

(qua pomo-gehalte kon het tellen). De uitvoering vond plaats op 4maa2011

in de Zwarte Zaal van de Bijloke, Gent. Dedicatio: Frank Nuyts & Iris De Blaere.

 

 

2011

 

The Rosarios

 

Flt-Pno & Vla da gamba (basso) [ 2' ]

 

Een vreemdsoortig drieluik: Alfa, Beta & Delta Rosario. De opdracht kwam dit keer

van Hans Roels, die aan het conservatorium van Gent een onderzoeksproject leidde

omtrent hyperpolyfonie. Ik zou enkele korte muziekfragmenten schrijven voor een

instrumentaal trio waarvan de stemmen onderling zo verschillend mogelijk moeten zijn.

Stem A verschilt van stem B, stem A verschilt van stem C en stem B verschilt van stem C,

zonder elkaar te overstemmen. Mijn benadering was tweeledig: stilistisch

(elke stem speelt in een andere stijl) en parametraal (maar da's iets moeilijker om uit te leggen).

 

 

't Ièn Vroagtieken ès 't Ander Nie

 

2 Ocarina's, Pno & strijktrio (Vln-Vla-Vcl) [ 6.10 ]

 

Een opdracht van Stad Gent in het kader van Ghent UNESCO Creative City Of Music.

In een cultureel uitwisselingsproject werden omstreeks mei jonge componisten uit

Gent, Bologna, Sevilla en Glasgow uitgenodigd om een stuk te schrijven voor een lokaal

ocarina-septet, Gruppo Ocarinistico Budriese olv. Emiliano Bernagozzi. Ik hapte toe en bleek

daarmee de enige te zijn, met als gevolg dat ik mijn eerste residency in Bologna ondernam.

 

De traditionele, ambachtelijke reputatie van het ensemble indachtig, hield ik het stuk bewust

sober en klassiek. Het begint met een cantilene voor strijkers en ocarina's, gaat over in een jazzy, akkoordisch middendeel en herneemt na de climax opnieuw wat aanvangsmateriaal.

Over de titel zijn inmiddels al ettelijke in- en uitheemse tongen gestruikeld. Enerzijds koos ik

voor een Gentse titel als hommage aan mijn geboortestad, anderzijds had ik er een duivels

genoegen in om de Italiaanse programmatoren de titel te horen voordragen. De naam

van het kind is een stoplap, een uitdrukking die men op tafel gooit als men het zelf

helemaal niet meer weet. Bijvoorbeeld na een conceptuele poëziehappening ..

.

 

11_1000_#t_11_13_vvvv

 

M&M Robot Orchestra [ 6.30 ]

 

Opnieuw een robotstukje voor de <M&M>-editie van 11nov2011, waarin

ondergetekende op zoek ging naar het getal ELF. Insiders weten waarom.

 

 

2012

 

Blaffer.Kop.Tango

 

M&M Robot Orchestra [ 4.50 ]

 

Mijn bijdrage aan roboTango, LPD 020 waarvan ik de artistieke coördinatie op mij nam.

Dit werk sloot de ene poort en opende een andere. Dedicatio: Hubert Bradt (1935-2012)

 

 

GOB – Gentsch Okarinisten Boekske

 

7 Ocarina's & Pno [ 11.30 ]

 

About a year after my commission for Ghent, UNESCO Creative City of Music,

I decided to write an epilogue to 't Ièn Vroagtieken ès 't Ander Nie, the work

that opened up doors for my first artist's residency in Bologna. I didn't do this

merely for the love of it, but also because the members of the GOB

(Gruppo Ocarinistico Budriese) had become close friends of mine

by that time, and kept asking me to write another piece for their ensemble.

 

The initial idea was to write just one piece, but I had obviously underestimated

the flow of inspiration; one musical idea emerged hot on the heels of another.

In the end I wrote five different chapters and gave them typical Ghent expressions

for titles. Within a few weeks, GOB – Gentsch Okarinisten Boekske was a fact.

Since the music flirts freely with different styles and hence could be seen as a

postmodernist artefact, I decided to have all five chapters illustrated by the visual artist

Helen White, who sketched some fantastic, quasi-Mediaeval illustrations of the titles.

The score booklet is a manuscript, crafty and authentic.

Dedicatio: Gruppo Ocarinistico Budriese & Helen White.

 

 

2013

 

... Fonemen, Wevende Efemeriden ...

 

SSATBB koor & Pno [ ~17' ]

 

Gent, januari 1993. Op een gezellig bedoelde nieuwjaarsdrink met The Happy Family

in de hoofdrol kreeg ik via via het volgende cadeau in handen gestopt:

Noordzuid/Nordsüd: Eigentijdse Lyriek uit Vlaanderen, een anthologie die mij

voor het eerst in mijn jonge bestaan confronteerde met een dwarsdoorsnede van

wat Vlaanderen op poëzievlak voorstelde: Devree, Van Wilderode,

Claus, De Coninck, Hertmans, Ducal, noem maar op.

 

De meeste gedichten uit die bundel hielden zich aan de conventionele, links uitgelijnde

bladspiegel. Het waren kolommen die minimalistischer werden naarmate

de tijdsgeest het dicteerde. Op pagina 324 stond er iets van een heel andere orde:

... Fonemen, Wevende Efemeriden ..., een quasi doorlopende tekst van Jan H. Mysjkin

die zich uitstrekte als één groot woordenweefsel en zich aan elke normering

inzake de opbouw van een 'normaal' gedicht onttrok. Ik had aanvankelijk niet de intentie

om het op muziek te zetten, wél om het langdurig te bekijken. Een beetje telwerk onder

dat kijken leerde mij dat de tekst een repetitief, tanka-achtig procédé doorloopt:

de zinnen waren verhakseld en per vijf of zeven lettergrepen

gehergroepeerd aan de hand van volgend ostinato:

 

75 75 75 / 77 55 77 / 57 57 57 / 55 77 55

 

Die 5/7-verhakseling gaf het een hoekig, gesyncopeerd leesritme, een metronomische

cadans die ronduit hypnotiserend werkte. Inhoudelijk worden een reeks

dagboekachtige handelingen van de ik-persoon beschreven. Hij ontwaakt moederziel

alleen in zijn koude kamer in de vroege ochtend op de symmetrische datum

8 november 1980. Hij heeft gedroomd over een krekel en schrijft zijn indrukken neer.

Terwijl we over zijn denkbeeldige schouder meelezen, gaan we onwillekeurig mee

in de stream of consciousness die uit zijn pen vloeit. Woord voor woord kruipen we

verder in zijn hoofd, op zoek naar een lied in een rivier van inkt, zingend op de punt

van zijn pen. Nu en dan, als hij afdwaalt, roept de ik-persoon zichzelf tot de orde

en gaat dan weer verder met streamen, fragiel, dwingend, en beschreven met

een verdomd scherpe blik. Aan het eind is de ochtend in zicht, blaffen de zonnestralen

van een pasgeboren winterdag tegen het raam en ligt de eerste sneeuw

op de vensterbanken; een simpel beeld, maar door de uitpurende context

die er aan voorafgaat, gepolijst tot een kopstoot van schoonheid.

 

Gent, april 2011. Ik ontmoette Jan H. Mysjkin tijdens een interview, vertrouwde hem toe

dat ik meer dan normaal gebiologeerd was door Fonemen en dat ik het werk vroeg of laat

op muziek zou zetten (het werd dus twintig jaar, beter laat dan nooit). Ik kreeg zijn

toestemming, alsook mijn hoogsteigen wake up-call. Diezelfde avond nam ik de tekst weer

onder ogen en pende de eerste serieuze schetsen voor de muziek neer. De hele partituur

zat al lang in de tekst vervat; twee getallen volstonden om twintig minuten muziek mee

te genereren. Over muziek gesproken: Jan schreef Fonemen terwijl hij luisterde naar

Steve Reich's Drumming, waarvan de strikte, kale ritmiek doorschemert in het

verhakselen van de zinnen. In zekere zin ontstond de tekst dus o.m. door de abstracte

percussiemuziek van Reich, leidde hij 33 jaar lang een papieren bestaan

en keert hij anno 2013 terug naar een volstrekt andere muziek.

 

Ik koos voor een verwijd modale toonspraak die ik afleidde uit enkele repetitieve

cellen en motieven. Grote passages van het werk baden in een losse, harmonische plainness,

zonder al te grote climaxen of breekpunten die het continuüm van de tekst verstoren.

5 en 7 waren de voornaamste coördinaten om muzikale beslissingen mee te nemen:

maatsoorten als 7/4, 7/8, 5/4 en 5/8, akkoorden van 5 of 7 noten, kwint- en septiemintervallen,

etc, dat alles verzoend met een zingbare schriftuur. Ik opteerde voor koor omdat ik

op tal van plaatsen tekstoverlappingen wilde hebben; meerdere gedachten boven elkaar.

De verhakseling van lettergrepen in Fonemen doet me namelijk denken aan verbrokkel(en)de

lagen informatie die over elkaar héén schuiven. Een beetje zoals bij het grafiet waar potloodpunten

uit vervaardigd zijn (of, als u het grootser ziet, zoals bij de tektoniek van aardplaten).

Omdat de koorschriftuur op vele plaatsen naar close harmony neigt, leek een ondersteunende

piano mij daarbij aangewezen. Nadat het stuk omstreeks november 2012 voltooid was,

werkte ik nog drie maanden door om de hele partituur in Lilypond te coderen

en te tweaken. Begin 2013 was de definitieve, drukklare .Pdf een feit

 

 

Primoids

 

Flt-Clt-Prc-Pno-Vln-Vla-Vcl [ ~12' ]

 

Eind 2000 schafte ik mij een aanrader van een anthologie aan.

The End is Near! (Visions of Apocalypse, Millennium and Utopia)

bevatte een dwarsdoorsnede van diverse Amerikaanse kunstenaars

die werk hadden opgedragen aan thema's als Millennium, Eindtijd

en de onvermijdelijke Apocalyps die daar doorgaans op volgt.

 

Er staken (naast bijdragen van Stephen Jay Gould, de apostel Johannes

en de Dalai Lama) unieke en technisch vaak verbluffende zaken in.

Ik maakte kennis met de surrealistische tableaus van Vonn Ströpp,

de primitieve zionistische suburbia van David Zeldis, de Bible Belt horror

van Joe Coleman, Kendall Polster's schreeuwerige jungledadaïsme,

de springerige, fantaisistische droedels van Arnold Hendrickson

en de haarfijn uitgepuurde potloodtekeningen van Chris Hipkiss.

Het was een bombardement aan hallucinante visuele impulsen.

Ik was hongerig naar dat soort beelden en zwolg ongegeneerd

in de infernale chaos die The End Is Near! mij opsolferde.

 

Van alle artiesten die er in vertegenwoordigd waren, prikkelde de Amerikaanse

paragnost en wetenschapper Grant Wallace van meet af aan het sterkst mijn verbeelding.

Uren aan een stuk bestudeerde ik zijn ingenieuze, hypergedetailleerde grafieken,

numeralfabetische tabellen en Art Nouveau-schilderijen. Zijn aantekeningen

vertoonden geen enkel raakpunt met beschavingen waarmee wij vertrouwd zijn;

dit ging over Mars, de Melkweg en de Pleiaden.

 

De aanzet tot Primoids was het fascinerende diagram Perfection Of Man (ca. 1920).

Op dat diagram staat, binnen de omtrekken van een cirkel, een omgekeerde

driehoeksconstellatie met daarin zeven met elkaar verbonden binnencirkels.

Die cirkels dragen namen als Zom, Enurge, Ruizyl,... Terwijl energielijnen en

-curves tussen hen in slingeren wordt de grote, alomvattende cirkel aan de rand

doorkruist door primitief geschetste, tetraedervormige volume'tjes die rond

de zeven cirkels draaien. De naam van die volume'tjes: primoids.

 

Waar ging dit over? Waarvoor stonden die cirkels? Waren het, zoals het diagram

suggereerde, (bewustzijns-)toestanden, stadia in de ontwikkeling van oermens

tot godheid en zo ja, in welk stadium bevonden we ons op dit moment? Ondanks

de geheel eigen systematiek die er uit sprak, bleef Perfection Of Man voor mij een

raadselachtige vorm van schoonheid die zichzelf in geen geval nader zou verklaren.

 

Primoids groeide in de zomer van 2013 uit tot een zevendelige suite voor zeven instrumenten.

De muziek is zuiver abstract en de opeenvolgende deeltjes suggereren een imaginaire trip

doorheen de stadia uit Perfection Of Man. Er zit geen eenduidige compositiemethode in;

op macroniveau vertrok ik voor elk deeltje van een minutieus berekende tijdsarchitectuur,

om er op microniveau op een intuïtief-fantaisistische manier aan bij te schaven.

Ik hanteerde daarbij een elementaire logica die de noten zichzelf liet uitwijzen.

Onder de titel van elk deeltje staat een subtitel, een genrenaam (bv. Toccatoid) en een getal.

Dat laatste is een coördinaat om muzikale beslissingen mee te nemen.

De numerologie die ik eruit afleidde, paste ik toe op onder meer tempi,

aantal maten of spreiding van muzikale informatie.

 

Setlist:

 

I. ZOM (100) [1.50] 3-Dimensional Stasis (Material) - Introid

II. ENURGE (69) [2.20] 4-Dimensional Flux (Astral) - Choroid, Fantasioid, Prestoid

III. ZURGE (696) [2.30] 5th Dimension (Rule of Three) - Tri(angol)oid

IV. ZYLM (486) [0.30] 4th Path of the Ascent of Man - Intermezzoid

V. RUIZYL (969) [1.40] BODY #1, complex analysis – Cadenzoid, Divertimentoid

VI. LAZUL (361) [1.10] BODY #2, elementary synthesis - Toccatoid

VII. ZULLUZ (456) [1.50] The Divine Reservoir - Rhapsodioid

 

2014

 

Fist House

 

Elektroakoestisch [ 7.15 ]

 

Gecomponeerd in mei 2014, op aanvraag van mijn reddende engel,

Helen, voor een poëzie-happening. Helen schreef de tekst in 2013,

kort nadat we samen ons huis aankochten en besloten om zowel van de woonst

als van onze levensstijl aldaar een kunstwerk te maken. De soundscape is subtiel

verweven rond een stemopname die ze maakte in haar in aanbouw zijnde slaapkamer.

De commentariërende spookstemmen op de achtergrond zijn tekstsamples die ik met

OddCast (www.oddcast.com) opnam. 'Let's live here', zeggen de Local Ghosts,

en ze zijn écht niet zo onvriendelijk als u na het beluisteren van Fist House

zou denken. In een gemeenschappelijke exorcistenreflex

opgedragen aan het nummer 32, ofwel Villa Reigersnest.

 

2015

 

 

Ey Lieve Meisjes!

 

C-Tpt & electronics [ 06.36 ]

 

 

In 2014 werkte trompettist Benny Wiame (www.newbrassdirections.com)

volop aan een CD-project dat de geschiedenis van de trompetklassen in

verschillende Belgische conservatoria schetst adhv. het repertoire

van bij hun ontstaan tot dat van vandaag. De CD zou stukken bevatten

die door en voor docenten of leerlingen waren geschreven; o.m. Hartmann,

Charlier, Pousseur en Haderman waren er in vertegenwoordigd.

De zoektocht naar recent werk uit Gentse hoek leidde Benny naar mij,

met het voorstel om iets nieuws te maken voor de combinatie trompet en electronics.

 

Ik ging voor een organische aanpak en interpreteerde die electronics vrijelijk

als samplogenetic ambient: een (klank)- omgeving die is ontstaan uit trompetsamples

en waarin voldoende ritmische aanknopingspunten steken om de solist op

een live-uitvoering in sync te houden. Eerst namen we in mijn thuisstudio allerlei

geluidsfragmenten op (ruisklanken, Flatterzunge, slaps, glissandi, etc).

Vervolgens bewerkte ik die fragmenten in Reaper -sedert kort mijn favoriete DAW-

tot een autonome klanklaag die de vertrouwde trompetklank van zijn akoestische

context vervreemdt. Een paar beats uit de drumcomputer deden de rest.

 

Omstreeks diezelfde tijd opperde Benny het idee om stemmen

of citaten te integreren en dropte volgend tekstje in mijn mailbox:

 

Ey lieve meisjes! Staakt geschrei

Al koomt gy door dees dievery

een zoeten troost te missen;

hij zal met nerstig onderzoek

nog wel eens koomen uit den hoek

om zonder schroom te pissen

 

Oftewel een Oudnederlands gedicht over de (zoveelste) publiekmaking van de diefstal

van Manneken Pis. Uiteraard heeft dit niets met experimenteel trompetrepertoire te maken;

in al mijn postmodern je-m'en-foutisme ben ik niet vies van een anachronistische zijsprong,

dus liet ik deze archaïsche verzen inspreken door de avatars van Oddcast, een TTS-

(text to speech-)generator die ik in nagenoeg alle recente tracks van .Ko. heb gebruikt.

 

Ik ritmeerde het gedicht als een complementair contrapunt met de samples

en stilaan vormde het stuk zichzelf. Eenmaal deze mix klaar was, filterde ik daar

de trompetpartij uit. Me baserend op motieven en sprongen die in de ambient zaten,

kwam ik uit op een sobere, lyrische koraalsolo met grote intervallen. Soms als vraag-en-

antwoordspel met de samples, soms als vulstem, dan weer als fills waar er een leegte valt.

 

Op de full score staan de partijen gerangschikt in volgorde van belangrijkheid.

Tpt, de bovenste notenbalk, is de solist. Daaronder staat een (onzichtbare)

notenbalk met de tekstfragmenten en daaronder twee notenbalken met een summiere

samenvatting van de ambient (EA), waarvan de ritmiek bij benadering is genoteerd.

Ey Lieve Meisjes werd een winterstuk, een koud, koperen lied uit het binnenste van de conus

 

 

2016

 

 

Kunst-Werk

 

Elektroakoestisch [ 02.44 ]

 

 

Gecomponeerd: aug2016, in opdracht van, en op tekst van Helen White.

De totale performance was getiteld .Ko.nvulsions en werd door de beide auteurs verzorgd

op aanvraag van het Third Annual Brussels Poetry Fest olv. curator Philip Meersman.

Excerpt from program notes:

 

.Ko.nvulsions is a collaborative project by the composer

Sebastian Bradt (BE) and the poet Helen White (UK). A translation

project that twists words from nine to five and twilight to sunrise.

 

 

2017

 

 

Ghost Days Strategy

 

Clt(Bb)-Hrn(F)-Pno-Dbs-Prc [ ~3' ]

 

 

Iov. HEADLINER (Jonathan Bonny - Koen Quintyn - Mirek Coutigny)

voor het jaarlijkse muziekfestival zonder grenzen En Avant Mars. De editie van 2017

blikte terug op het verleden en voor het gedeelte Written By Hand werden

4 componisten verzocht om een muziekstuk te schrijven zonder

gebruik te maken van electronische hulpmiddelen. Er moest een kant-en-klaar

manuscript worden ingeleverd dat tijdens het festival werd geëxposeerd.

 

Ik maakte van de overgangsdagen 2016-2017 (de zgn. 'Ghost Days') gebruik

om een karakteristiek kwintet uit mijn pen te persen dat vooral drijft op techniek,

of beter gezegd 'strategie om met tijd om te gaan'. Vintage Bradt werd het,

oude stijl en rechtstreeks in het net aan het papier toevertrouwd.

Het resultaat was te horen op 16 maart 2017 in De Bijloke, Gent.